Wat brengt 2020 het streekvervoer?

Wat staat er in 2020 zoal op de agenda voor het streekvervoer? Nou, in ieder geval cao-overleg, met in het verlengde daarvan uiteraard ook weer de aanpak van de werkdruk. Verder terug van nooit weggeweest: nieuwe aanbestedingsrondes.

Brigitta Paas: ‘Ik wil toe naar een wensenlijst van onze kant met maximaal vijf of zes punten’.

Voor in de agenda: de voorstellenbrief van FNV Streekvervoer met daarin de wensen van de leden voor de nieuwe cao moet op 15 januari aanstaande klaar zijn. Het overleg zelf start in februari en uiterlijk 30 juni 2020, de datum waarop de huidige cao afloopt, wil de bond overeenstemming hebben bereikt over een nieuwe cao.

‘Ik wil toe naar een wensenlijst van onze kant met maximaal vijf of zes punten’, vertelt eerste onderhandelaar Brigitta Paas van FNV Streekvervoer. ‘Natuurlijk hebben we meer wensen, maar laten we vooral focussen op wat wij het belangrijkste vinden. Met een wensenlijst van veertig punten organiseer je enkel je eigen teleurstelling. Je zal namelijk nooit al die punten kunnen binnenhalen.’

Met “maar” vijf of zes punten legt Paas de lat behoorlijk hoog. Het betreft immers prioriteiten, en ze kan zich niet veroorloven op die punten grote concessies te doen. ‘Dat zijn we dan ook niet van plan’, zegt ze zelfverzekerd. ‘Het zijn zaken die ons na aan het hart liggen en die we écht geregeld willen hebben. We willen op al die punten scoren.’

Over de precieze insteek van de bond kan Paas zich nog niet uitlaten. ‘Momenteel raadplegen we onze leden nog. Maar ik kan wel aangeven welke onderwerpen we in ieder geval ter sprake willen brengen. Het salaris bijvoorbeeld – we willen een forse loonsverhoging. Maar we gaan het ook hebben over de uitwerking van het pensioenakkoord met afspraken over zware beroepen en eerder kunnen stoppen met werken. Een ander onderwerp is de aanpak van de werkdruk in combinatie met bijlage 35 in de huidige cao. Die afspraak heeft in het eerste jaar al talloze rechtszaken opgeleverd, dus op dat gebied hebben we duidelijk iets verkeerd gedaan. Die fout gaan we herstellen.’

Aanbestedingen

Iets anders wat in 2020 flink kan ingrijpen in het dagelijks werk van veel buschauffeurs zijn de aanbestedingen. En volgend jaar zijn er opvallend veel concessiegebieden die opnieuw worden aanbesteed: Zaanstreek/ Waterland; Gooi - en Vechtstreek; Valleilijn (regionaal spoor); Friesland en Schiphol (besloten bus).

‘De nieuwe trend is dat de concessiegebieden groter worden en de concessietermijn langer’, constateert Jack d’Hooghe, voorzitter van het subsectorbestuur van FNV Streekvervoer. ‘Dat doen de aanbestedende partijen omdat het verkrijgen van een concessie nogal een investering is. Vooral wanneer een van de eisen is dat er met elektrische bussen wordt gereden. Met een groter gebied en een langere terugverdientijd worden concessies aantrekkelijker voor busbedrijven om in te schrijven. Dit is overigens ook in het voordeel van het buspersoneel. De overgang naar een andere werkgever is toch altijd weer wennen. Zeker wanneer je dan ook nog eens van werklocatie moet wisselen. Door de langere concessietermijn wordt deze stress nu dus minder. Bovendien wordt het werkpakket groter en dat maakt het werk eveneens aantrekkelijker.’

Maar er is ook een schaduwzijde. ‘Wanneer je de koek in grotere stukken breekt dan voorheen, valt er minder te verdelen. Ik verwacht daarom meer concurrentie, met alle mogelijke gevolgen van dien voor de arbeidsvoorwaarden van de medewerkers. Daar zullen de werkgevers op willen bezuinigen. Verder sluit ik niet uit dat kleinere spelers op de ov-markt op termijn gaan verdwijnen. Ook dat raakt het personeel.’

Werkgroepen

FNV Streekvervoer heeft werkgroepen ingesteld die zich vanaf volgend jaar gaan bezighouden met verschillende aspecten van de marktwerking. ‘Denk aan het feit dat steeds meer busbedrijven werk onderaanbesteden’, zegt d'Hooghe. ‘Ze leggen werk neer bij taxi- en besloten busbedrijven die goedkoper zijn omdat hun medewerkers slechtere arbeidsvoorwaarden hebben. Hoe gaan we daar mee om? En hoe spelen we in op de Europese richtlijn 1073 die onder bepaalde voorwaarden zo ongeveer iedereen die dat maar wil toestaat om een buslijn waar dan ook te openen?’

De bond wil haar invloed vooral uitoefenen door zich nadrukkelijk te gaan bemoeien met het pakket van eisen bij aanbestedingsrondes. ‘Daar kunnen we in vastleggen wat concessiehouders wel en niet mogen’, aldus d’Hooghe. ‘Maar veel liever hebben we natuurlijk de afspraak dat de arbeidsvoorwaarden voor iedereen die op een buslijn rijdt hetzelfde zijn. Daarmee is het probleem van concurrentie op arbeidsvoorwaarden direct de wereld uit.’